A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

RSS

Economie van het genoeg

Gewijzigd op 29-08-2012 14:15 by host Gecategoriseerd als Economie en milieu, Uitgelicht
Afbeelding
Term die eind jaren zeventig van de twintigste eeuw werd geïntroduceerd in de kringen rond de Raad van Kerken. In Nederland werd ze uitgedragen door de econoom Bob Goudswaard en de Evangelische Volkspartij.

De economie van het genoeg is een reactie op de onevenredige verdeling van de productiemiddelen binnen de consumptiemaatschappij. Ze bepleit grenzen aan de economische groei en stelt dat niemand zijn overvloed dient te vermeerderen, zolang niet iedereen aan zijn levensbehoeften toekomt.

Aanhangers van deze op kleinschaligheid gerichte omgang met de schepping zien in de bijbel een belangrijke inspiratiebron. Invoering van een sabbatjaar en een basisinkomen maken onderdeel uit van de economie van het genoeg.

Auteur: Jan de Bas uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)

Verder lezen: B. Goudzwaard en H.M. de Lange, Genoeg van te veel, genoeg van te weinig (Baarn 1976) ; Jan de Bas, De muis die even brulde. De Evangelische Volkspartij 1981-1991 (Kampen 1999)

Artikel
In Volzin, 20 maart 2009, verscheen dit artikel van Bob Goudzwaard: Weersta de duivelse macht van geld

Economische crisis biedt kansenDe financiële crisis die de wereld nu doormaakt, biedt kansen om los te komen van de mantra 'produceer meer en consumeer meer'. Er is een economie mogelijk die de mens herstelt in zijn rol van rentmeester van de wereld.

Tot voor kort bestond vrij algemeen het eigenaardige gevoel dat de huidige financiële en economische crisis van korte duur zou zijn. Na een of twee pijnlijke jaren zouden we weer ons normale patroon van consumeren kunnen hervatten.

Business as usualDat lijkt zeer onwaarschijnlijk. De omvang en de gevolgen van deze crisis zijn namelijk niet alleen groot maar betreffen de hele economie. Het begon bij de banken, daarna volgden de auto-industrie en de bouwsector. Nu lezen we bijna dagelijks berichten over sluitende bedrijven en verlies van banen.

Tot vorig jaar zomer dachten de meeste zakenmensen en politici genoeg te hebben geleerd van de crisis van de jaren dertig om te voorkomen dat er ooit nog zoiets zou gebeuren. We zouden wel ergens de middelen vinden om de economie weer snel gezond te krijgen. Maar die middelen lijken nutteloos te zijn.

De enorme geldbedragen die regeringen hebben verstrekt aan de banken lijken zomaar te zijn verdampt zonder de kredietcrisis te stoppen. Dat is niet alleen pijnlijk maar ook zeer verontrustend. Want deze financiële aderlating heeft ook tot gevolg van de meeste westerse overheden nu geen geld meer hebben om de echte economie te hulp te schieten.

Hogesnelheidseconomie De vrees voor een relatief diepe economische depressie groeit en dat is een enorme klap voor ons zelfrespect. Dat onze hogesnelheidseconomie zou kunnen haperen en zelfs volledig tot stilstand zou kunnen komen, is bijna het laatste dat we hebben verwacht.

Onderzoek naar de diepere oorzaken van de crisis brengt ons op een niveau waarop we meestal niet discussiëren, zelfs de meeste analisten niet. Dan bedoel ik niet alleen ijdele verwachtingen, plotselinge angst en paniek, maar ook een reeks spirituele en ideologische achtergronden van het menselijk handelen: illusies, kortzichtigheid en zelfs collectieve hypnose. Zo'n analyse is niet erg welkom.

Kerken zouden deze oorzaken onder ogen moeten zien. Ze moeten ons niet alleen helpen om onze samenleving en onszelf een beetje beter te begrijpen maar ook om met alternatieven te komen. Als er nog gevoel bestaat voor collectieve schuld is misschien ook collectieve verlossing mogelijk. Genezing, verlossing, verzoening, dat zijn woorden - zo leert Desmond Tutu ons - die we niet moeten reserveren voor ons privégeloof. Ze moeten ook gevolgen hebben voor ons politieke en economische leven. Anders kunnen we geen duurzame oplossingen verwachten.

Laten we dus proberen de culturele, structurele en zelfs spirituele oorzaken te vinden. En laten we beginnen met de financiële crisis want die leidde tot deze economische crisis. Ging het alleen om een crisis van het financiële systeem of was en is het ook een crisis van het systeem in het algemeen? En zo ja, hoe kon die zich ontwikkelen?

De relatie tussen de moderne samenleving en de rol daarin van geld en de manier waarop geld geschapen wordt, is altijd intrigerend geweest. In het verleden werd het slaan van munten bijna altijd gedaan door overheden. De beeltenis van de machthebber werd op goud- of zilverstukken gedrukt en dat maakte het stukje metaal tot algemeen geaccepteerd geld. Maar daarna kwam er geld op basis van krediet en dat betekende dat steeds meer private banken een belangrijk deel van de geldschepping konden overnemen door middel van kredieten en schulden. En zo werd het in de afgelopen tien tot vijftien jaar mogelijk de hoeveelheid geld in de wereld enorm op te blazen.

Deze ontwikkeling werd vooral bevorderd door het vooruitzicht van enorme winsten, zelfs op korte termijn. En door banken die elkaar en beleggingsfondsen voordelige kredieten verstrekten.

Cijfers over de groei van schulden zijn in de afgelopen jaren niet officieel gepubliceerd. In de Verenigde Staten worden ze beschouwd als geheim. Dat is al een teken aan de wand. Maar recente schattingen laten zien dat de jaarlijkse groei van de kredieten de afgelopen tien jaar gemiddeld viermaal de groei van de zogeheten rele economie bedroeg.

Het meeste van dat nieuwe geld kwam terecht in de ontwikkeling van hypotheekvormen en de speculatie in toekomstige geldstromen. Handelswaar Geld is duidelijk handelswaar geworden.

Herman Daly, de Amerikaanse econoom, rekende uit dat de hoeveelheden fictief geld nu twintigmaal groter zijn dan de geldhandel in echte producten. Een enorme ballon van collectieve speculatie is opgeblazen en die is nu geknapt. Het vertrouwen is weg en de rele economie wordt bedreigd. Het wordt bijna algemeen erkend dat de drijvende kracht hierachter hebzucht is.

In Goethes boek Faust wordt Faust verleid door Mephistopheles om het magische, gedrukte geld te gebruiken om zijn macht ongebreideld te kunnen uitbouwen. En niet vergeefs! Want Goethe, die zelf minister van financiën is geweest in Weimar, wist dat van gedrukt geld - zoals nu van elektronisch geld - altijd de suggestie uitgaat dat het enige economische waarde heeft. Het is daarom een machtig magisch instrument om meer welvaart en luxe te verwerven voor jezelf. En voor die duivelse verleiding verkocht Faust zijn ziel.

Financiële markten zijn in de afgelopen jaren in staat geweest controle te krijgen over een groot deel van de  rele economie. Deze markten, met beursonafhanke-lijke beleggingsfondsen als hun bekendste uitingsvormen, konden ondernemingen de opdracht geven hun beleid te richten op kortetermijnwinsten. Als de financiële resultaten te laag waren, werd er ingegrepen.

Zelfs politici en hun regeringen worden nu beheerst door de financiële markten, zoals de voorzitter van de Duitse Bundesbank al enkele jaren geleden innig tevreden  vaststelde. Dit alles zou ons te denken moeten geven. Hier zien we de tekenen van wat de Schrift omschrijft als de vrees die verbonden is met afgodendienst.

Geld is op zichzelf een bruikbaar instrument om transacties in onze rele economie mogelijk te maken en zo hoort het ook. Maar we moeten niet vergeten dat geld geen deel uitmaakt van Gods goede schepping. Het is gecreerd door de mens en het kan daarom gemakkelijk uitgroeien tot een afschuwelijke tiran, vooral als we het accepteren als onze meester. Want zodra geldstromen worden gezien als beslissende gidsen voor alle economien, nemen ze plaats achter het stuur. En uiteindelijk kunnen ze al hun dienaren lelijk verraden.

Geld is dienaar Zelfs nu houden enkele financiële deskundigen vol dat we moeten vertrouwen op een volledige terugkeer van de financiële markten. Alleen zij zouden de reële economie kunnen redden. Maar die claims klinken steeds holler.

Het  publiek heeft inmiddels gezien dat de banken volledige financiële prioriteit hebben gekregen bij de overheden. Niet de wankele huiseigenaren of bedreigde kleinere bedrijven. Banken werden duidelijk beschouwd als de hoeksteen van onze moderne economie en ook nu is het zeer waarschijnlijk dat deze zeer onbetrouwbare banken onvoorwaardelijke steun zullen krijgen.

Geld hoort echter onze dienaar te zijn, niet onze baas. Maar hoe staat het met de reële economie? De aanhoudende crisis laat zien dat de oorzaken ervan van binnenuit komen.

Laat ik beginnen met de metafoor van de Hollandse fietser.  Gewoonlijk gaat alles goed tijdens het fietsen zolang  je voldoende snelheid hebt. Maar zodra die snelheid te laag wordt, val je van je fiets. Bijna hetzelfde is waar voor onze moderne marktgeorienteerde economien met hun enorme nadruk op technologie en doelmatigheid. Die nadruk heeft jaar na jaar geleid tot een bijna constante stijging van de gemiddelde arbeidsproductiviteit en heeft ook veel goeds opgeleverd, daar bestaat geen twijfel over.

Maar die nadruk heeft ook schaduwkanten. Die komen onmiddellijk naar voren zodra de groei van onze uitgaven afzwakt, zoals nu het geval is. Want de capaciteit om goederen te produceren, neemt elk jaar toe met minstens drie procent. Zodra de groei van onze jaarlijkse uitgaven onder drie procent zakt, vallen we van onze economische fiets en krijgen we te maken met groeiende werkloosheid.

Het is alsof we nog steeds de Amerikaanse president Eisenhower kunnen horen uit de jaren zestig toen deAmerikaanse economie afzwakte: "Het is de plicht van elke Amerikaan om te consumeren." Een plicht om te consumeren! Dat klinkt nu zelfs nog vreemder en nog minder passend dan ooit tevoren. Want volgens de meeste wetenschappers lijden we in het Westen aan overconsumptie en materiële overontwikkeling.

We begrijpen steeds beter dat de voortdurende groei van 'onze materiële productie en consumptie wel eens de toekomst van onze planeet kan bedreigen. Want de huidige expansie van de wereldproductie neemt elke veertig jaar toe met een zevenvoud terwijl het gebruik van fossiele brandstoffen in dezelfde tijdsperiode vervijfvoudigt. Dat is eenvoudigweg verwoestend voor ons milieu, voor arme landen en voor het behoud van vrede in gebieden die nog rijk zijn aan grondstoffen.

Zijn we daarom structureel gedoemd te streven naar oneindige economische groei en moeten we in deze tijd van recessie snel terugkeren op dat pad? Echte verandering lijkt onmogelijk zonder ernstige en structurele gevolgen.

Maar er is ook een andere kant. Misschien is het dit moment, dit speciale moment van een diepe financiële en economische crisis - hoe pijnlijk ook - dat ons de kans biedt om over die gevolgen na te denken en enkele structurele veranderingen door te voeren.

Ik hoop zeer dat de westerse kerken en hun leden de leiding zullen nemen in dit debat. Alternatieven In 1999 - in de hitte van de zogeheten Aziatische crisis - had in Bangkok een oecumenische bijeenkomst plaats van de Aziatische kerken. Ze schreven een brief aan de kerken in het Noorden: "Naast de pijn hier in het Zuiden wordt ook het Noorden bedreigd. We hebben gehoord dat armoede is teruggekeerd in zelfs de rijkste van jullie samenlevingen. We hebben gehoord van schade aan het milieu en van vervreemding, eenzaamheid en van misbruik van vrouwen en kinderen. En van ledenverlies bij de meeste van jullie kerken. En we vragen ons af: heeft veel van dit alles niet te maken met rijk zijn en met de wens nog rijker te worden dan jullie al zijn? Bestaat er in de westerse kijk op de mens en op de samenleving niet de misvatting dat we altijd naar d toekomst moeten kijken en dat die toekomst altijd beter moet worden, zelfs als dat betekent dat daardoor het lijden in jullie samenleving en in het Zuiden toeneemt?"

Mag ik twee alternatieven aanreiken voor onze financiële en economische ellende? Ten eerste moeten we ons ervan bewust zijn dat er de ontwikkeling van technologie niet noodzakelijk gericht hoeft te zijn op groei van productiviteit en doelmatigheid. In plaats daarvan kunnen we technologie gebruiken voor zorg voor de natuur en voor energiebesparing. Dat kan nieuwe banen opleveren!

We moeten ook vechten tegen de voortdurende trend van materialisme en consumentisme door steeds stijgende lonen en bonussen.

Verborgen belofte Lord Keynes zei in zijn pamflet uit 1940 Hoe kunnen we de oorlog betalen: "In oorlogstijd gaan we van overvloed naar schaarste." In deze nieuwe tijd van schaarste moet een oorlog gevoerd worden voor het behoud van de natuur en van rechtvaardigheid in deze wereld. En daarvoor is een type economie nodig met minder stress en meer nadruk op houdbaarheid.

In de brief van de Aziatische kerken werd het woord toereikendheid in verband gebracht met rijkdom. Hier zie ik de nieuwe opvoedkundige taak van de kerken. Ons geluk neemt niet langer toe door een voortdurende groei van consumptie en van beleggingswinsten.

We kunnen en moeten niet accepteren dat we worden bepaald door het huidige financiële en economische systeem dat altijd maar meer produceert en consumeert. Dat is strijdig met onze taak om zorg te dragen voor mensen, voor vrede en voor zorg voor Gods schepping.

In het vervullen van deze taak schuilt volgens mij ook een verborgen belofte. Het is de belofte van meer zinvol werk voor onze kinderen. En voor de natuur de belofte van minder opwarming van de aarde dan nu nog wordt voorspeld.

Bob Goudzwaard, emeritus-hoogleraar economie, hield deze - geredigeerde - toespraak in Groot-Brittannië tijdens een conferentie van Churches Together, de Raad van Kerken van het Verenigd Koninkrijk en Ierland.  

Thank you for evaluating SQLViewPro. If after your evaluation you wish to support great DotNetNuke software, please visit the store to purchase a membership. Use discount code 'TRIAL' at checkout for 10% off!