A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

RSS

Moderne Devotie

Gewijzigd op 17-04-2013 10:18 by host Gecategoriseerd als Kerk, Uitgelicht
Afbeelding
Beweging van innerlijke vernieuwing, rond 1375 vanuit Deventer ontstaan door de prediking van Geert Grote.

De onzekerheid tijdens het Westers Schisma versterkte de behoefte aan innerlijke hervorming. Grote benadrukte de persoonlijke verantwoordelijkheid van elke gelovige voor de kerk als lichaam van Christus. Daartoe bevorderde hij naar het model van de oerkerk nieuwe vormen van christelijk gemeenschapsleven, gezonde boekcultuur, hervorming van het middelbaar onderwijs en deelname aan de kerkelijke getijden door leken, en bestreed hij simonie, overtreding van het celibaat, eigen bezit van kloosterlingen, misbruik van aflaten en collecten, en onkunde van zielzorgers en opvoeders.

De moderne devotie kende drie hoofdvormen. Ten eerste semi-religieuzen met huisgewoonten, zoals de Broeders en Zusters van het Gemene Leven, later georganiseerd in de colloquia van Zwolle (na 1400) en Münster (1431) en het generaal kapittel van Marienthal (1471). Daarnaast semireligieuzen met de Derde orderegel van Franciscus, zoals tertianen en tertiarissen, verenigd in de kapittels van Utrecht (1399), Keulen (1427) en Zepperen (1443). En ten slotte kloosterlingen met de regel van Augustinus, zoals reguliere kanunniken en kanunnikessen, verbonden in de Kapittels van Windesheim (1395), Sion (1419) en Venlo (1455) met daarnaast tal van zelfstandige regularissenkloosters.

Geografisch overspande de moderne devotie de Nederlanden tot in Noord-Frankrijk en Duitsland tot in Denemarken, Polen en Zwitserland. Zij was onder de Europese reformbewegingen in de vijftiende eeuw de krachtigste en had grote invloed op de eigentijdse observantiebewegingen van benedictijnen (Unie van Bursfelde), cistercienzers (colligatie van Sibculo), franciscanen (Observanten), dominicanen (Hollandse congregatie), kruisheren en orde van het heilig graf.

Chronologisch onderscheiden wij verschillende fasen. In 1375-1400 kwam de beweging op en was er het eerste vuur: prediking van Grote, broeders en zusters van het gemene leven in Salland (Deventer, Zwolle) en Holland (Amersfoort, Delft, Utrecht), onderwijsvernieuwing en convictsysteem, stichting van eigen kloosters en kapittel. Tussen 1400 en 1425 volgde erkenning en consolidatie: de kerkelijke erkenning van de broeder- en zusterschap, de organisatie van huizen in kapittels en colloquia, en de incorporatie van bestaande kapittels. De periode 1425-1450 bloeide de beweging; er was een eerste literatuurgolf, verdere organisatie en incorporatie. Tot 1500 volgde een verdere doorwerking en veruiterlijking: een tweede literatuurgolf, kloosterhervormingen en ‘verkloostering’ van huizen. Daarna volgde een periode van nabloei: doorwerking bij kartuizers, jezuïeten en begijnen, receptie door Reformatie en Contrareformatie. Vóór 1600 waren de meeste huizen en kloosters opgeheven.

De moderne devotie is vaak gezien als een typisch Hollandse hervormingsbeweging. Thans geldt zij meer als Nederlands-Duitse variant binnen een Europees netwerk van verwante religieuze hervormingsbewegingen, die in de veertiende eeuw ontstonden en tot in de zestiende eeuw doorwerkten. Verder is de moderne devotie lang beschouwd als een lekenbeweging. Hoewel zij door leken en semi-religieuzen breed gedragen werd, waren het priesters die de broeder- en zusterhuizen leidden en beoogde men vooral herstel van het kloosterleven. Ook heeft men lang het ascetisch en pragmatisch karakter van de devote spiritualiteit benadrukt. De mystieke kern ervan, met name in de eerste generaties van moderne devoten, wordt dankzij recent onderzoek pas sinds kort meer herkend. Waar de devoten zich terughoudend tegenover mystiek opstelden, kwam dit eerder voort uit pastorale voorzichtigheid dan uit miskenning van Gods meest geheimenisvolle omgang met mensen.

Opvallend is dat vooral vrouwelijke devoten, onder meer door verzameling van mystieke teksten, trouw bleven aan de geest van ‘onsen oelden vaderen’. Hoogtepunt van de omvangrijke literatuur van de moderne devotie is de Navolging van Christus van Thomas a Kempis.

Auteur: R.Th.M. van Dijk uit: G. Harinck e.a. (red.), Christelijke Encyclopedie (Kampen 2005)

Verder lezen: C.C. de Bruin, E. Persoons en A.G. Weiler, Geert Grote en de Moderne Devotie (Zutphen 1984) ; A.J. Hendrikman e.a. (red.), Windesheim 1395-1995 (Nijmegen, 1996) ; W.F. Scheepsma, Deemoed en devotie. De koorvrouwen van Windesheim en hun geschriften (Amsterdam 1997) ; R.Th.M. van Dijk, ‘De spiritualiteit van de devote regulier’ in: Ons Geestelijk Erf, LXXII (1998) 54-104 ; K. Goudriaan en Th. Mertens (red.), ‘De Derde orde van Franciscus in het bisdom Utrecht’, in: Ons Geestelijk Erf, LXXIV (2000)

Thank you for evaluating SQLViewPro. If after your evaluation you wish to support great DotNetNuke software, please visit the store to purchase a membership. Use discount code 'TRIAL' at checkout for 10% off!