A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

RSS

Niftrik, Gerrit Cornelis van

Gewijzigd op 24-10-2012 17:21 by host Gecategoriseerd als Markante protestanten, MP uitgelicht
Afbeelding
Hervormd theoloog (Arnhem 24 oktober 1904 - Amsterdam 25 oktober 1972)

‘In "Hardegarijp" heeft het kerkvolk me vernietigd en was de officiële theologie het met me eens. Nu heeft de officiële theologie mij vernietigd en juicht het kerkvolk me toe.’

Het is voorjaar 1972 als Van Niftrik een ‘discussie-interview’ wordt afgenomen door Rik Valkenburg, de christelijk-gereformeerde veelschrijver en chroniqueur van het orthodoxe protestants-christelijke leven.

Een halfjaar eerder, in oktober 1971, is Getuigenis aan de Gemeente van Jezus Christus verschenen. In deze open brief, ondertekend door onder meer Van Niftrik, Aalders en de weduwe van Van Ruler, wordt scherp stelling genomen tegen de vermaatschappelijking en verpolitisering van de kerk en haar boodschap. ‘Je móét anti-apartheid zijn,’ foetert Van Niftrik tegenover Valkenburg. ‘En vooral ook anti-Nixon en noem maar op. Het is niet anders dan verkapt wetticisme.’ Veel collega’s en oud-studenten hebben Van Niftrik de rug toegekeerd. ‘Ze doen alsof ik elke politieke geëngageerdheid tegen wil houden, ze vergeten dat ik reeds politiek en maatschappelijk geëngageerd was toen de meeste dominees het nog niet waren.’

Twee decennia eerder, eind 1951, had Van Niftrik opzien gebaard met zijn rede ‘Hardegarijp, een teken!’, gehouden op een vergadering van het Werkverband van hervormde leerkrachten in het Utrechtse Jaarbeursgebouw. Hardegarijp was een Fries dorp waar een orthodoxe minderheidsgroep van hervormden, gereformeerden en christelijke gereformeerden een eigen lagere school wilde oprichten, naast de bestaande openbare school. Nadat de gemeenteraad met de oprichting van de bijzondere school had ingestemd was een aantal inwoners van vrijzinnige huize in het geweer gekomen en gaan procederen, tot de Kroon aan toe. De Friese schoolstrijd werd een nationale discussie waarin Van Niftrik de oprichting van de nieuwe school verwierp. Christenen mochten zich niet in een getto opsluiten, sprak hij in de geest van zijn grote voorbeeld, Karl Barth. ‘Wij geloven niet,’ betoogde Van Niftrik in zijn Utrechtse rede, ‘dat het eis van Christus is om overal zoveel mogelijk bijzondere scholen te stichten.’ Veel collega’s, gegrepen door Barths dialectische theologie, juichten dit standpunt toe, maar het kerkvolk morde. De bijzondere school was toch broodnodig om de kinderen de boodschap van het evangelie te verkondigen?

Gerrit Cornelis van Niftrik, zoon van een Arnhemse lithograaf, was al 25 jaar oud toen hij aan de Utrechtse rijksuniversiteit theologie ging studeren. Sinds zijn zeventiende had hij op kantoor gezeten, in de avonduren ijverig lezend en studerend. Eenmaal op de universiteit aangeland ging het vervolgens snel. In 1932, drie jaar na zijn inschrijving, rondde Van Niftrik zijn studie af en betrok hij – pas gehuwd – de pastorie van het Friese dorp Schraard, vlakbij de in hetzelfde jaar voltooide Afsluitdijk. In 1934 vertrok Van Niftrik naar het Overijsselse Vollenhove, vier jaar later verhuisde hij naar Zuid-Holland waar de hervormde gemeente van Rijnsburg hem had beroepen. De wetenschap werd allerminst vaarwel gezegd. In 1940 promoveerde Van Niftrik op het proefschrift Sola fide: de rechtvaardiging in de nieuwere theologie waarin hij zich uitdrukkelijk als pleitbezorger van Barth deed kennen. Gedurende de oorlogsjaren werkte Van Niftrik, op verzoek van de Hervormde raad voor kerk en school, aan een beknopt en toegankelijk handboek over de leer van de kerk. Het verscheen in 1945 als Kleine dogmatiek en zou maar liefst vijf herziene en vermeerderde herdrukken beleven.

Inmiddels had Van Niftrik afscheid genomen van Rijnsburg en stond hij als predikant in Zeist, maar niet voor lang. In 1947 werd hij, vanwege de hervormde kerk, hoogleraar aan de gemeentelijke universiteit van Amsterdam waar dogmatiek, vaderlandse kerkgeschiedenis en apostolaatstheologie zijn leeropdrachten werden. Van Niftriks eerste professorale jaren waren buitengewoon vruchtbaar. Als geboren docent bond hij menige student aan zich, als publicist liet hij het ene boek na het andere verschijnen: Een beroerder Israëls (1948), De belijdenis aller eeuwen (1949), Zie de mens! (1951), De boodschap van Sartre (1953). Bovendien mengde Van Niftrik zich in het maatschappelijk debat, getuige zijn rede 'Hardegarijp, een teken!' In 1955 werkte hij ook mee aan het herderlijk schrijven Christen-zijn in de Nederlandse samenleving waarin – eens te meer – de staf werd gebroken over antithetisch denken en waarin de christelijke organisatievorm ter discussie werd gesteld.

Toch was het niet al barthiaanse theologie dat bij Van Niftrik de klok sloeg. Hij aanvaardde de kinderdoop en was verklaard voorstander van confessionele partijpolitiek. Jarenlang was Van Niftrik hoofdbestuurslid van de CHU. De gang naar het socialisme van Barth en veel van diens aanhangers volgde hij evenmin, een verwijdering die in de jaren zestig allengs tot een kloof werd. Veel hervormde theologen en studenten gaven zich, tot Van Niftriks ergernis, over aan politiek en maatschappelijk engagement, de Waarheid van de Schrift uit het oog verliezend. ‘Ik kan niet met absoluut gezag verkondigen dat Beyers Naudé in Zuid-Afrika gesteund moet worden,’ aldus Van Niftrik. De kritiek op het Getuigenis, waarin de theologisch verantwoorde vernieuwingsdrang als waan van de dag werd afgewezen, viel Van Niftrik zwaar. ‘Ik lig er hele nachten wakker van,’ bekende hij tegenover Rik Valkenburg. Maar er waren ook veel instemmende reacties, van het gewone kerkvolk dat van alle nieuwlichterij niets moest hebben. De EO had Van Niftriks sympathie, al waarschuwde hij ervoor ‘de maatschappelijke en politieke geëngageerdheid niet helemaal aan de “heidenen” over te laten.’

De polemiek over het Getuigenis was nog volop gaande toen Van Niftrik in oktober 1972, een dag na zijn 68e verjaardag, plotseling overleed. Kort tevoren had hij zich verzoend met de barthiaanse diehard Buskes wiens erepromotor hij was geweest.

Auteur: Peter Bak, voor Protestant.nl, 25 april 2011

Verder lezen: Rik Valkenburg, Haring of kuit: discussie-interviews met theologen (Kampen z.j.), 6-17. ; Otto J. de Jong, ‘In memoriam prof.dr. G.C. van Niftrik’, in: Nederlands Theologisch Tijdschrift, jaargang 27 (1973), 78-81

Archief: Persoonsarchief G.C. van Niftrik

Informatie op internet: Biografisch lexicon voor de geschiedenis van het Nederlandse protestantisme

Thank you for evaluating SQLViewPro. If after your evaluation you wish to support great DotNetNuke software, please visit the store to purchase a membership. Use discount code 'TRIAL' at checkout for 10% off!